HUMO
(B) 1994 "The Scene zijn ongetwijfeld op hun
best wanneer ze erop staan". Dat was de eerste
dooddoener die we trokken uit de rijk gevulde, door een
bereidwillige butler voor onze geest gesleepte zak toen
wij, na de (deels op Rock Werchter opgenomen) live-CD van
The Scene een paar keren te hebben beluisterd, tevreden
knikkend het eigenlijke bespreken wilden aanvatten. De
tweede die spoedig tevoorschijn werd getrokken is "over
The Scene is alles al gezegd en geschreven". Een
hoogst verontrustende gedachte voor wie net zinnens was
een stukje over The Scene te schrijven. Dus hebben we dat
voor alle zekerheid nagetrokken (geoutilleerd met
mijnwerkerstuig het immense Humo-archief ingedoken) en
inderdaad, over The Scene is de afgelopen vijftien jaar
zowat alles geschreven wat er te schrijven valt. Na uren
vruchteloos tobben - de frisse invalshoeken zijn dezer
dagen niet meer te betalen - tikten we voorzichtig een
openingszin waarin de woorden 'vanzelfsprekende' en
'klasse' voorkwamen. Maar vrijwel meteen schoot ons te
binnen dat 'vanzelfsprekend' inhoudt dat er verder niet
meer over wordt gemeierd. Huilend begonnen wij opnieuw.
Twee dagen later gingen we er voor het gemak van uit dat
het helemaal niet nodig is de Humo-lezers deze toch wel
fantastische live-CD aan te prijzen, aangezien ze hem
natuurlijk allang hebben gekocht. Sterker nog: we stelden
ons zelfs de vraag "wie hoeft er eigenlijk nog van
de vanzelfsprekende klasse van The Scene overtuigd te
worden?". Het onderzoek is nog steeds aan de gang (u
hebt er geen idee van hoe lang het duurt vooraleer je
iedereen in het telefoonboek hebt opgebeld), maar uit
voorlopige resultaten blijkt dat slechts bitter weinig
landgenoten naar dit indrukwekkende lijstje hits ('Maan',
'Blauw', 'Rigoreus', 'De Schaduw Van Het Kruis', Geef
Nooit Op', 'Soldaat', 'Open', 'Zuster', 'Samen' en
'Iedereen Is Van De Wereld') kunnen luisteren zonder
onder de indruk te komen van die machtige, aanstormende
stier van een live-sound, die door het leven gelooide
stem, die vurige hartslag die in ieder nummer begraven
ligt. Onze enquête wees bovendien uit dat alle
ondervraagden het met Thé Lau eens zijn wanneer hij zegt:
"In de studio zijn we een band, live zijn we The
Scene". Hierdoor gerustgesteld, konden we met een
bevrijd gemoed naar een gepaste eindzin beginnen zoeken.
Hij bleek - dring! - net aan te bellen. Open, open, open
moet het zijn, het doek.
FRET
1994
Wat doe je als creatief
betere tijden op zich laten wachten en/of als je een
bepaalde fase in je carrière waardig wil afsluiten? Dan
maak je een live-CD. Doorgaans zijn dat de enige redenen.
Maar Thé Lau zelf zegt dat zijn band live geïnspireerder
en hechter speelt dan in de studio. En hij heeft gelijk.
Dat heeft veel te maken met het publiek dat vol overgave
de achtergrondkoortjes verzorgt. Natuurlijk gaan we weer
met muzikale overtuiging over paden meer platgetreden dan
de A20 en heeft Thé Lau als geen ander het talent om met
een minimum aan tekst een maximum aan diepzinnigheden te
suggereren. Maar als je als band bijna gospelachtige
toppen weet te bereiken met 'Open' (met God persoonlijk
op vlammend Hammondorgel) of stampers als 'Blauw' uit je
mouw kan schudden, dan is zo'n CD meer dan
gerechtvaardigd. «
[Media]
|