THÉ LAU: POPLEGENDE UIT SPAARNDAMMERBUURT
DE STAATSKRANT 1 maart 2006 Al vijftien jaar woont de voormalige zanger van de bekende rock/popgroep The Scene in Westerpark. De derde solo-CD is net uit, plus een boek over al die rare zaken die je zoal kunnen overkomen in de muziekwereld. Zanger/gitarist/componist Thé Lau (1952) is snotverkouden. Een zakdoek en rode wijn brengen nog wat verlichting, maar hij oogt vermoeid en praat zachtjes, ingetogen haast. Dat je net zoiets moet hebben als het hele circus rondom een nieuwe uitgave is losgebarsten... Eigenlijk twee uitgaven zelfs, de CD 'Tempel Der Liefde', en het boek 'In De Dakgoot'. Het album is een rock/pop plaat in samenwerking met het Pavadita Tangostrijkkwartet, en de verhalen uit de bundel spelen zich af rondom een dronken tocht langs hotelkamers, door de dakgoot uiteraard. NEERLANDS HOOP "Het voornaamste verschil met de vorige plaat is dat ik alle dingen die ik afgelopen jaren heb gedaan, heb toegepast. Ik heb een toer gedaan afgelopen winter met band en strijkkwartet, waarvan ik heel benieuwd was of het zou werken - nou, dat werkt dus. Daarvoor had ik een kleine toer gedaan in kerken en kathedralen in Vlaanderen met een kamerorkest, achttien strijkers. Dat zijn allemaal van die ervaringen die je meeneemt. Mijn leven is gewoon verrijkt door niet alleen rockoptredens te doen. Hoewel ik dat ook nog altijd leuk vind hoor..." Het boek is opgebouwd rond een overnachting na een Marktrock- festival. Een fenomeen in België dat wij hier in Nederland helaas niet of nauwelijks kennen. Het centrum van de stad wordt afgesloten, en drie dagen lang vinden op meerdere podia concerten plaats. Na zo’n optreden met The Scene in 1992 belandde Thé Lau in de dakgoot van het hotel, op zoek naar de toetsenist. "Ik wou nog wat met hem drinken. Ik wist dat-ie verder op de gang zat, maar niet op welke kamer. Een beetje vervelend om overal aan te kloppen om vier uur ’s morgens. Dus mijn redenering moet geweest zijn: als ik door de dakgoot ga, dan kan ik in de kamers kijken. Ik ben er laatst nog geweest, en als je de dakgoot ziet, dan ben ik echt stapelgek geweest om daar in te klimmen. Zo’n gootje!" RODE DRAAD Het instinct van Thé Lau zegt hem dat de sfeer op straat in zijn Spaarndammerbuurt heel prettig is. Hij loopt meestal in dromen en mijmeringen verzonken door de buurt, maar merkt toch af en toe wat op. ‘Ik dacht op een gegeven moment dat de sfeer grimmig werd, en dan met name in de Spaarndammerstraat, zo rond de Albert Heijn. Bendetjes enzo… Maar toen kregen we de moord op Theo van Gogh, en ik zag het in een klap veranderen. Dat was verdwenen gewoon, en ik heb het niet terug zien komen. In het café waar ik wel eens naar toe ga wordt flink gemopperd, maar dat zijn echt van die ouwe Amsterdammers, die hoor je altijd zeggen dat vroeger alles beter was, dat het vroeger gezelliger was. Het is wel zo dat er nieuwe geluidsnormen zijn, waardoor er in dat café nooit meer polonaise gehouden kan worden omdat de muziek zó zachtjes staat, dat het niet meer gaat gewoon." « [Media] |